Redenen wel/geen PSA-test

Onderstaande tabel zet de keuzemogelijkheden wel of geen PSA-test op prostaatkanker naast elkaar. U vindt u hier per keuzemogelijkheid een overzicht van de verschillende overwegingen.

Het overzicht leidt u niet automatisch naar de beste keuze. U kunt het met uw patiënt bespreken zodat u gezamenlijk tot een goed behandelplan kunt komen.

Redenen om patiënt te laten testen op prostaatkanker Redenen om patiënt niet te laten testen op prostaatkanker
Als de uitslag van de PSA-test normaal is, kan dat geruststellend zijn. Als de PSA-waarde verhoogd is en verder onderzoek geen prostaatkanker aantoont, dan is patiënt voor niets 'de medische molen' ingegaan en heeft patiënt zich ongerust gemaakt, achteraf onnodig.
De PSA-test kan prostaatkanker helpen opsporen, voordat patiënt misschien klachten krijgt. De PSA-test en het aanvullend onderzoek brengt kanker niet altijd aan het licht. Na een normale uitslag kan patiënt zich ten onrechte opgelucht, of juist toch nog bezorgd voelen.
Als patient er door de test vroeg bij is, dan is behandeling goed mogelijk. Er bestaat een grote kans dat ze door de PSA-test een langzaam groeiend gezwel (tumor) vinden waarvan patient nooit last gekregen zou hebben.
Als patiënt mede dankzij de PSA-test een behandeling ondergaat, heeft hij/zij misschien een grotere kans op genezing en leeft hij/zij misschien langer. Aanvullend onderzoek na de PSA-test kan psychisch en fysiek belastend zijn.
Als de behandeling in een vroeg stadium slaagt, wordt patiënt niet geconfronteerd met de gevolgen van verder gevorderde prostaatkanker, zoals uitzaaiingen. De behandeling van prostaatkanker kan allerlei bijwerkingen hebben, zoals erectieproblemen, plasklachten en darmproblemen.
Als patiënt regelmatig een PSA-test laat doen, dan kunnen veranderingen in het PSA-gehalte in de gaten worden gehouden. Het is niet bekend of vroege ontdekking en medische behandeling van prostaatkanker de genezingskans, levensduur en kwaliteit van leven verbetert.